Teeltadviezen midden mei

Pit- en steenfruit

Fenologie

De fenologie van Conference loopt 1 dag achter t.o.v. het langjarig gemiddelde en 12 dagen t.o.v. vorig jaar. Voor Jonagold is dat 3 en 13 dagen. Kers loopt een week achter t.o.v. vorig jaar.

Plagen

  • De eileg van de tweede generatie perenbladvlo worden sinds midden mei afgelegd. Rond 24 mei verwachten we dat de eerste behandeling met Movento bijna overal is uitgevoerd. De modellen voorspelden een optimaal toepassingstijdstip rond 20 mei, afhankelijk van de locatie en de druk in het perceel. De druk is sterk variabel tussen percelen. Controleer grondig en behandel waar nodig met een interval van 14 dagen. De jonge oorwormen starten nu hun activiteit in de boom. Hou daarmee rekening bij de toepassing van GBM, want je riskeert meermaals te behandelen als je die natuurlijke vijanden doodt.
  • De schade van perenscheutwesp, perenzaagwesp en dikkopjes is nog zichtbaar. Volg op en noteer voor behandeling volgend jaar.
  • Volwassen perenknopkevers brengen geen schade aan, ze gaan in zomerrust. Behandel na de oogst, wanneer ze opnieuw actief worden. De volwassenen van kleine perenknopkever en appelbloesemkever daarentegen worden bij aanwezigheid mee bestreden tijdens de bestrijding tegen fruitmot.
  • Peerluis vond je na de winter moeilijk, maar is nu zichtbaar in de beurzen. Waar fluweelmijt zit, is de druk lager. Ook oorwormen onderdrukken goed, maar die raken moeilijker tot in de kleine holtes en spleten. De 120-dagen regeling voor Gazelle is goedgekeurd. Enkel te gebruiken als ervoor gewaarschuwd wordt en wanneer er migratie naar de vruchten is. Vermijd het middel standaard toe te passen, gezien het effect op nuttigen en de beperkte werking naar peerluis op het hout.
  • Volg de migratie van schildluizen op. De migratie van kommaschildluis wordt verwacht rond 24 mei. Die wordt gevolgd door respectievelijk de migratie van rode oestervormige schildluis (E. leperii) (Foto 1) en de gele (Q. pyri) en oestervormige schildluis (Q. ostreaeformis) (Foto 2). Controleer welke soort(en) aanwezig zijn voor een juiste positionering van de Movento-behandeling op basis van de waarschuwingen.

 

 

Foto 1 – rode schildluis
Foto 2 – gele oestervormige schildluis

 

  • De eerste fruitmotten zijn actief. Volg de waarschuwingen op en behandel in functie van de vluchtpieken en de eigen waargenomen vangsten.
  • Zie je schade van bladrollers? Daar is een feromoonval voor vruchtschilvreter nuttig voor verdere opvolging. De vluchten zijn iets later dan fruitmot. Behandel tegen beide indien nodig. Op viruspreparaten na, hebben de vlindermiddelen een werking naar beide.
  • De druk van bladluizen is sterker dan andere jaren en moet je opvolgen. Probeer hier de bestrijding te combineren wanneer je bloedluis of schildluizen aanpakt. Bloedluis migreert naar de scheuten. De sluipwesp was de afgelopen weken erg actief en zit nu in de mummies. Controleer op de aanwezigheid van gesloten zwarte mummies.
  • Spint zit voorbij 100% ontluiking. Er is nu een gemengde populatie van mijten, die moeilijk te bestrijden is. Movento in appel, peer of kers heeft daarop effect. Als je geen Movento zet, is een herhaaldelijke behandeling met Siltac SF of Stix een alternatief. Bij kers is er onvoldoende ervaring inzake fytotox op niet afgehard blad en de verschillende variëteiten en doe je best een bespuiting op een enkele boom. Zie je geen symptomen, behandel je de ganse boomgaard.
  • In onbehandelde boomgaarden zijn nu symptomen van kersenpitkever zichtbaar (bruine vlekjes met gaatjes). Bestrijding van moerbeischildluis bij kers is nog te vroeg. Wacht op migratie. De Aziatische fruitvlieg Suzukii legt haar eitjes pas af bij de eerste roze spikkels op de vruchten. Dat is nu standaard nog te vroeg. Volg de waarschuwingen indien er een uitzonderlijke druk gemeld wordt.
  • De bestrijding van kersenvlieg is sterk variëteit afhankelijk en doe je wanneer de kersen geel verkleuren. In de vroege variëteiten is kersenvlieg al actief.
  • Dit jaar is er meer druk van zwarte kersenluis. Bestrijd die mee met een Movento-kersenvliegbehandeling.

 

 

Ziekten

  • De afgelopen periode is het sterk groeizaam weer geweest, waarbij er veel bladmassa bijkwam. Een explosieve groei zorgt voor gevoelig bladmateriaal en schimmelinfecties. In onbehandelde percelen waren de eerste schurftvlekken op de rozetbladeren al even zichtbaar. Daar komen nu vlekken bij op de oudste scheutbladeren. Bij peer worden er in sommige percelen ook sterke aantastingen teruggevonden op de vruchtjes. Controleer je percelen en hou bij aanwezigheid een sluitend schema aan.
  • Het risico op witziekte wordt hoger door de stijgende temperaturen. Naast de primaire witziektepluimen zijn de eerste secundaire infecties zichtbaar. Behandel met voldoende water en wissel de fungiciden af in blokken van verschillende families als anti-resistentie strategie. Hou rekening met de residuprofielen van de gebruikte middelen. Gebruik in de nabloei strobi’s (Candit, Flint, Bellis), Talendo of Nimrod.
  • In percelen met Neonectria kan je na de bloei opnieuw met Captan werken. Ook Luna Experience en/ of Mavor in je schema opnemen, doet druk afnemen. In percelen met een hoge druk en zichtbare vliegende kankers las je regelmatig een ronde in om die uit de plantage te verwijderen. Door het beperkte aanbod middelen is het belangrijk om de sporendruk zo laag mogelijk te houden.
  • De periode om Stemphylium te bestrijden, houdt nog een hele tijd aan. Jonge vruchtjes zijn het meest vatbaar voor infectie. Percelen met hoge druk in het verleden, behandel je met Switch, Bellis, Sercadis, Luna Experience of Luna Care. Met Mavor kan je curatief ingrijpen na de regen. Pas na de bloei tweemaal een van die zwaardere middelen toe. Hou dat langer aan bij zware druk. Waar geen problemen
    waren, pas je fosfonaten (Delan Pro, Dithio Pro) of Alliette + Captan toe.
  • We zien veel Pseudomonas. Waar schade is, voer je nu een blokbehandeling met Aliette uit.
  • Als het nog nat of vochtig wordt, behandel je bij kersen na de bloei tegen hagelschotziekte met zwavel. Dat wissel je af met een middel tegen bladvalziekte zoals Delan, dodine of Luna Experience. Bij droog weer is dat niet noodzakelijk.

 

Bladvoeding

Voor een optimale blad- en vruchtkwaliteit zijn bladvoedingen quasi onmisbaar. Wissel vanaf nabloei boor en magnesium af met mangaan en zink. Mangaan tekort is extra zichtbaar door het koude voorjaar. De dosis mag tot 750 ml opgetrokken worden. Zet dit jaar ook bij grootfruit 2 (steenfruit) tot 3 (pitfruit) behandelingen ureum, omdat stikstof door de koude maand april slecht opgenomen werd. Voeg Ureum toe
aan de magnesium en boorbehandelingen. Start begin juni voor Ca-gevoelige rassen (Kanzi, Sunspark, Golden) met calciumbehandelingen. De andere rassen kunnen wachten tot na de junirui.

 

Bewaring

Er komt regelmatig scald voor in bewaarde appelen en peren. Ook lenticelrot (Gloeosporium) komt vaak voor. Bij Conference die minder zorgvuldig geplukt zijn, is er redelijk veel Botrytis-nestrot. Controleer regelmatig.

 

 

Zetting

We zien een natuurlijke rui voor Conference, omwille van het wisselvallige weer tijdens de bloei. Voor percelen waar zetting nodig was, moesten Regalis Plus/Kudos behandeling(en) al uitgevoerd zijn. De tweede toepassing van Regalis Plus/Kudos op Jonagold op 3 weken na volle bloei wordt aangeraden rond 24 mei. Naar verruwing toe is het bij appel het moment om een (tweede) GA4-7 behandeling te doen op percelen/rassen die gevoelig zijn (Golden, Wellant, Kanzi). Dat kan je tot 3 keer toepassen. Op andere percelen hoeft dat geen standaardbehandeling te zijn.

 

 

Dunning

Bij peer is de periode van dunning gepasseerd. Enkel bij vruchtbare percelen (veel bloembot) die fenologisch achterlopen, gekenmerkt worden door beperkte groei, geen vorstschade hebben en waar er geen differentiatie in diameter van de vruchtjes aftekent, kan je nog met Brevis dunnen. Het is te laat voor 6-BA. Moet je bij diploïde appelrassen dunnen, kies dan bij goed weer voor 6-BA en Fixor. Bij minder dan 18°C kies je voor Brevis. Op Kizuri staat het advies van Brevis nog niet op punt en raden we de toepassing af. Bij Kanzi en Golden oppassen om Brevis te gebruiken bij onstabiel of donker weer in de volgende 5 dagen na behandeling, omdat er een groot risico is om te veel te dunnen.

Houtig kleinfruit

Onderstaande adviezen zijn besproken op 15 mei. Bij kleinfruit lopen we minder achter dan bij pitfruit. Bij blauwe bes en rode bes in vollegrond lopen we een 6-tal dagen achter op vorig jaar. De vruchtzetting in vollegrond verloopt in het algemeen voorspoedig en resulteert in mooie trossen.

 

Fenologie

Behandel doordacht op basis van waarnemingen, waarschuwingen en adviezen. Zowel voor jouw portemonnee als voor het aantal residuen op onze producten, is het belangrijk jouw eigen situatie (overkapping of niet, vochtig of niet…) mee te laten spelen in de beslissing om al dan niet te behandelen tegen ziekten of plagen.

Behandel doordacht op basis van waarnemingen, waarschuwingen en adviezen. Zowel voor jouw portemonnee als voor het aantal residuen op onze producten, is het belangrijk jouw eigen situatie (overkapping of niet, vochtig of niet, …) mee te laten spelen in de beslissing om al dan niet te behandelentegen ziekten of plagen.

 

Ziekten

  • Tijdens de bloei en vruchtrijping zijn regelmatige vruchtrotbehandelingen belangrijk, zeker bij het miezerige weer van de laatste weken. Meestal is de belangrijkste schimmel Botrytis, maar pas in aardbeipercelen met een historiek van anthracnose de middelenkeuze aan.
  • Witziekte heeft minder vocht nodig om te infecteren. De witziektedruk is vrij laag omwille van de lage temperaturen, maar kan sterk toenemen zodra het warmer wordt.
  • Behandel bij rode bes na de bloei best tegen bladvalziekte met Signum of Switch in openlucht bij natte omstandigheden.

 

 

Plagen

  • De periode van activiteit en schade door het Aziatisch fruitvliegje, Drosophila suzukii, komt er weer aan. Blijf aandachtig en maak er nog geen standaardbehandeling van. De grote druk komt in regel pas vanaf half juli, maar het is toch belangrijk om nu te monitoren. Bijvoorbeeld door een paar vruchten in water te leggen en te kijken of ze blijven drijven.
  • Trips is voorlopig beperkt aanwezig, maar spinthaarden zijn er wel onder bescherming. Controleer of er nuttigen in de haarden zitten als je die hebt uitgezet.
  • De spintpopulatie bestaat nu steeds uit eieren, larven en volwassen mijten. Hou daarmee rekening bij je middelenkeuze of spuitinterval (bij 20°C na 7 à 10 dagen herbehandelen).
  • De volwassen taxuskever is actief en dat kenmerkt zich goed door vrij grote en ronde halve cirkels die van de bladrand gegeten zijn. Het is belangrijk om dat schadebeeld te herkennen, ondanks dat de bovengrondse bladvraat niet zo belangrijk is. Veel schade op het blad betekent ook de aanwezigheid van larven van de kever onder de grond. Zij vreten de haarworteltjes weg, waardoor de plant wegkwijnt en uiteindelijk afsterft.
  • Groene appelwants vliegt binnen vanuit houtige gewassen. Zij kunnen een volgende generatie voltrekken op diverse soorten kleinfruit en hebben een voorkeur voor jonge groeipunten. Ook de behaarde
    wants is actief in aardbeien in vollegrond. Preventief behandelen heeft geen zin. Volg goed het verschijnen van wantsen of van de schade op (Foto 1).
  • Bessenglasvlinder is actief in vollegrondspercelen van rode bes. Controleer je feromoonval. Raak bij de behandeling de stammen door veel water te gebruiken.

 

Foto 1 – wantsenschade bij braam.

 

Bladvloeding

Controleer de bladkwaliteit regelmatig. De opname van voedingsstoffen kan door het koudere voorjaar, en zeker bij zware grond, zorgen voor een mindere bladkwaliteit. Corrigeer in dat geval met bladvoedingen.

Deel dit bericht

 

Meest recente artikels